
Het leven in het veld is niet een en al actie.... VEEL tijd hebben we moeten zitten wachten... We moesten wachten totdat de jagers gingen jagen, zodat wij van de gevangen vogels monsters konden nemen... Op een gegeven moment begin je bijna te hopen dat die jager nu eens z’n act together krijgt, en eens goed gaat jagen – heel anders dan hoe ik normaal zou denken...
Maar we zaten goed in ons “losmen” (logement, die met het blauwe dakje) – een aantal basic kamers met gedeelde hurk-wc en wasruimte: een hurk-wc zonder wc-papier, iets dat in het dorp kota bangun moeilijk te verkrijgen is (er staat een bak met water naast de wc, en dat is waar men dat mee doet). Voorbereid als ik altijd ben op dit soort situaties, had ik dus geen rol wc-papier meegenomen...
Maar ook: als velddierenarts moeten dit soort situaties je eigenlijk niet afschrikken (een arm in een olifant stoppen is ook niet vies, dus waarom dit wel???)....
Waar ik hiervoor nog wel schuldig was aan in de jungle poepen inc papier achterlaten, vond ik dat ik me hier toch maar eens aan moest passen, en dat ik in de toekomst ook met een fles rivierwater onder de arm mijn behoefte kan doen...
Ik denk dat iedereen wel eens goedkoop wcpapier heeft gebruikt – en dan je vinger door het papier drukt... Nou, zo is dat bips afvegen zonder papier dus ook, maar dan anders... En er is het probleem dat je niet begrijpt hoe “zij” dat doen.. je hebt een bak met water, een pannetje, en een bips... nu nog de techniek.. maar er is NO way dat ik dat aan een van het veld team ga vragen... (ik heb nog wel eens aan de wc van ‘een vriend van de familie’ -in het kader van de privacy- gedacht in Zimbabwe, die naar aanleiding van een langdurig verblijf in Indo ook een altijd een paar flessen water naast de wc had staan.... toen snapte ik het ook al niet, maar gelukkig was daar wel papier).
Lang verhaal kort, grote boodschap werd altijd gevolgd door een douche, want ik bleef het een vies idee vinden – en ik snap nu helemaal dat Indo’s alleen met hun rechterhand eten, en dat je niet iemand aanraakt met je linkerhand....
Carola kwam na een paar dagen aan, goed voorbereid met ‘wetties’ – maar toen moest ik natuurlijk blijven bewijzen dat ik jungleboy ben.. En sowieso – nat wc papier??? Nah..
Die ‘douche’, of ‘mandi’ was eigenlijk een grote bak water, waar je met een plastic pannetje water uitschept. En dat is koud, maar een hele goede manier – we waren helemaal fan na een tijdje... Beetje badderen door water over je heen te scheppen met uitzicht op de rivier... heerlijk.
Diezelfde rivier wordt gebruikt als riool dmv drijvende platforms waar een houten afscheiding om een gat staat (de wc), terwijl dat platform ook wordt gebruikt om kleren te wassen, tanden te poetsen, en bakken water over je heen te scheppen als mandi.. Als je s’middags rond 5 uur over de rivier vaart, dan is het baddertijd, en zit iedereen zich in te zepen en te mandi-en op hun platformpjes – een heel mooi gezicht.
Maar wel vies, denk je met je westerse hygiene ideeen, ze mandi-en bij wijze van spreken het poepwater over zich heen.... Gelukkig hadden wij een bak water om mee te mandi-en... Ik had altijd de voorkeur voor de mandi en wc beneden, aangezien die niet naast het uitzichtpunt/terrasje met allemaal mensen stond, maar toen Carola als demonstratie een bak water van beneden vergeleek met een van boven, toen werd mij duidelijk dat boven het water wel gefilterd werd, en beneden niet *resulterend in even extra goed het water na het tanden poetsen uitspugen door mij*..







Na n dag of tien wachten, besteed met dagenlang (niet vervelend trouwens) de rivieren en meren afvaren op zoek naar jagers, wilde eenden, andere vogels, neusapen, en rivierdolfijnen – een zeer bedreigde diersoort die ik drie dagen achter elkaar heb mogen bewonderen, en waar ik GRAAG iets voor wil doen de komende tijd - konden we aan de slag, en een aantal monsters verzamelen bij lokale jagers om te proberen de wilde eenden te beschermen tegen de grootschalige jacht op deze soort...
Carola heeft fantastisch meegeholpen met het werk bij de jagers (ze mag vaker mee), en heeft op het blog al een korte achtergrond gegeven waarom we dat doen -ik volg dit nog wel eens op met een uitgebreid verhaal.
Ook heeft ze voor het eerst dieren geslacht zien worden, heeft gezien waarom ik dit allemaal probeer te doen, en was op sociaal gebied ontzettend belangrijk door vrienden te sluiten met de kinderen van de jagers. Ontroerend om te zien dat een paar dagen na het eerste bezoek haar naam op het huis van de jager was geschreven, of dat de kinderen ballonnetjes met “Karula I love you” hadden gemaakt van onze handschoenen.. En het gekke is, ik wil die jager ‘kapot maken’ omdat hij dingen fout doet in mijn ogen, maar na een aantal dagen samen met die familie op hun drijvend huisje begin je toch een band met ze te krijgen... Ontzettend dubbel..





Daarna was er tijd voor een paar dagen ontspanning (het geplande orang-utan/rijke amerikaanse donor bezoek moest helaas worden afgezegd door de verlengde wachttijden).
Maar we konden nog wel even naar een nabijgelegen National park: een van de weinige plekken in Indonesie waar je “echt” wilde orangs makkelijk kan bekijken (op de andere plekken zie je ze ook makkelijk, maar daar zijn het gerehabiliteerde apen, die rond voederplekken hangen, en zo wordt het dus wel heel makkelijk gemaakt, en zijn het moeilijk wilde apen te noemen).
Een van de redenen dat het in dit National park zo makkelijk is, is helaas wel dat het gebied 10 jaar geleden na El Nino en de daaropvolgende droogte een flink aantal grote branden meemaakte – wat GROTE gebieden heeft afgebrand, en dus zitten de apen noodgedwongen in een klein gebied. De lokale gemiddelde temperatuur is omhoog geschoten, er is minder regen, en er zijn grote kale gebieden die tot voor kort ontoegankelijk waren door het dichte regenwoud...
In Indonesie zijn dieren als orang-utans beschermd, maar gebieden niet, en dus greep men de kans om het droge bos plat te branden om daar huizen te bouwen, of palmolie/rijst/mais te telen (en palm olie is goed geld verdienen)... Zelfs toen wij er doorheen reden stonden grote gebieden in brand, een tragisch beeld, iets wat een grote indruk op ons heeft achter gelaten, en de drijfveer om “de wereld te redden” alleen maar heeft verhoogd. Tegelijkertijd voel je je machteloos, en denk je dat de wereld toch wel naar de klote gaat – ongeacht al je goede bedoelingen.. Het is, zoals vele ervaringen, ontzettend dubbel.



We verbleven in een research station opgebouwd door een Japanse universiteit, zonder electriciteit, maar met water gekookt op een kampvuur en instant noodlesoepjes by candlelight, en een gids die daar al 20 jaar woonde, en ons rond kon leiden. S’Ochtends voor zonsopgang werden we wakker gemaakt door de geluiden van gibbons – wat voor mij na mijn verblijf in Thailand een van de mooiste geluiden is om te horen: helaas hebben we er niet een gezien. Maar wel een heleboel andere dieren, waaronder een aantal orang utans, te beginnen met een moeder met baby, en dat was fantastisch!


Al blijft het zien van zulke ontzettend mooie natuur en dieren in een gebied dat zo overduidelijk wordt stukgemaakt door mensen heel tegenstrijdig... Het ene moment tranen in je ogen omdat je bij zonsopgang de gibbons in het omringende bos hoort, of omdat je een orang-utan met jong in het wild ziet, het andere moment tranen in je ogen omdat je een bord met “National Park” ziet, met daarachter een zwart-gekleurd stuk land met nabrandende bomen...
Het is nu 18.19 en iedereen is blij. Er mag gegeten worden!! Vuurwerk vliegt langs mijn oren en opeens is de internetverbinding snel, omdat niemand (behalve wij) er gebruik van maken. We zitten nu in Bontang. Ligt ten Noorden van Samarinde op Oost-Kalimantan. De afgelopen twee weken ben ik met Joost in het veld geweest en verbleven we in Kota Bangun, aan de Mahakan rivier. Helaas liepen de dingen niet zoals verwacht, maar gelukkig hebben we al afgeleerd om iets te verwachten, dus dat viel mee. Het plan was om monsters af te nemen bij uit het wild gevangen eenden en daarvoor was er dus een jager nodig. Die was al gevonden, alleen ging de jager niet jagen, omdat het volle maan was en anders de eenden hem zouden zien. Op zich logisch, maar dat betekende wachten..wachten en wachten. Gelukkig heeft Joost zijn tijd goed kunnen besteden door plotseling terug te moeten naar Jakarta, omdat hij een handtekening moest zetten voor zijn werkverguning... Drie dagen onderweg geweest, voor 10 minuten op het kantoor van immigratie. Maar het scheelde wel weer drie dagen wachten voor hem. Verder hebben we de tijd doorgebracht met vogels, dolfijnen en apen kijken vanaf een longboat, dus het wachten was zo erg nog niet. De mensen in het dorp vroegen aan ons of we er kwamen wonen, wat we bleven zo lang. Dat zegt genoeg. Het was echt heerlijk daar. Elke avond de zondondergang boven de rivier gezien en de hele sfeer rondom de ramadan blijft me intigeren. Elke avond en elke ochtend vroeg gaan er sirenes af die aangeven dat er gegeten of gestopt met eten moet worden. Iedereen zit twee minuten voor het breken van het vasten klaar met een drankje en grote borden eten. Als de sirene afgaat heerst er doodse stilte en is iedereen bezig met het aanvullen van de vocht en voedselreserves. Dat gaat zo de hele nacht door en de imam had er ook zin in. Hij zong de hele nacht, tot 4 uur ‘ s ochtend door de minarette en ik betrapte mezelf erop dat ik sommige dingen al aan het meezingen was. Goed.. de eenden dus. Op de voorlaatste dag kregen we het bericht dat een andere jager 110 eenden had gevangen en we bloed en swabs mochten afnemen. Werk aan de winkel dus. In twee teams zijn we aan de slag gegaan en 5 kwartier later waren we klaar. Net op tijd voordat de eenden geslacht zouden worden...Om even kort uit te leggen waarom we dit doen: de eenden die gevangen worden (Belibies ofwel wandering whistling ducks) worden gevangen voor consumptie. Helaas zijn er iets teveel gevangen en zijn er niet zoveel meer over (in het zuiden hebben ze de hele populatie al uitgeroeid, en nu zijn die jagers 500km naar het Noorden getrokken – waar die eendjes nog wel zitten). Zeggen dat het zielig is, of dat er nog maar weinig zijn: daar wordt de handel niet mee stopgezet. Dus probeert WCS het op een andere manier. Namelijk door via de afgenomen monsters aan te tonen dat wild gevangen vogels ziektes bij zich kunnen hebben, en die op mensen overdragen en daardoor met rust gelaten moeten worden en de markten dicht te gooien waar die eenden verkocht worden. Helaas voor de huidige eenden, maar hopelijk kunnen we via hun monsters ervoor zorgen dat de handel in deze eenden stop wordt gezet of in ieder geval restricties krijgt. Het zijn namelijk hele leuke eenden, die het geluid maken van badeendjes en daarbij zijn ze ook nog eens heel erg mooi.. Gisteren is de collega van Joost vertrokken naar het zuiden om de monsters aan het laboratorium daar af te geven en hebben wij nu een paar dagen om het Kutai National Park te bekijken. Maar dat gaat zomaar niet...;) Vandaag bleek dat we net naar binnen mochten, omdat het visum van Joost verlopen is en het nieuwe visum uiteraard nog in Jakarta ligt. Als het goed is wordt dat vandaag gefaxt en kunnen we morgen de toegangsbrief ophalen om het park binnen te gaan.Ze zijn ook erg bang dat Joost stiekem onderzoek gaat doen in het park, dus we hebben een paar keer moeten uitleggen dat dat niet zo is. Tja.. je moet er iets voor over hebben om Orang Oetangs te zien! We zijn dus nu gestrand in het gehucht Bontang. Voor het bezoeken van nationale parken heb ik niet het goede vriendje uitgekozen, maar verder is ie wel ok. ;)Ik heb echt bewondering hoe hij met de mensen hier omgaat en dat bedoel ik vooral de collega’s hier. Ik heb het nu twee weken mogen meemaken en de dingen werder er voor mij niet duidelijker door. Aangezien men overal ja op zegt komt t wel eens voor dat je klaarstaat met je spullen om te vertrekken maar dat dan blijkt dat de plannen veranderd zijn, zonder dat even te vertellen. Je wordt er wel flexibel van, maar of het efficient is?? Vaak niet en moet je je neerleggen bij de beslissingen die door hun genomen zijn, omdat je helemaal niets bereikt met je druk maken en op je strepen gaan staan. Je kunt zelf, als blanke, ook niets bereiken, want ze zijn hier niet echt blij met de blanken en zien ze liever gaan dan komen. Sommige dingen weet je zelf ook niet, want hoe kan je nou verzinnen dat het praten met een jager volgens een bepaalde stuctuur gaat en je er minimaal een week voor uit moet trekken om hem ervan te overtuigen dat het goed zou zijn als we monsters zouden afnemen?! Hoe dan ook. Een geweldige ervaring hier, weer veel geleerd en ook wel weer een beetje blij dat we zondag naar huis vliegen om te kijken hoe het daar is en hoe groot de kleine Baru gegroeid is.
Oftewel het suikerfeest. Dat is waar iedereen een maand naartoe leeft, dmv vasten. Tussen het ochtendgebed en het avond gebed mag er dus niet gegeten gedronken en gerookt worden. Zoals Carola ook al schreef: het is wel een heel mooie sfeer rond de gebedstijd, en verder de hele dag door eigenlijk ook..In mijn hotel kreeg ik mijn ontbijt om 0400 de kamer opgebracht, en daarna ook nog een keer om 0700 (was kleine miscommunicatie, maar op zich aardig dat ook aan de niet-moslim medemens wordt gedacht....). Het lijkt trouwens sowieso dat het leven zich meer tussen 0400-0800 s'ochtends afspeelt - dan is iedereen helemaal actief hier in Zuid Kalimantan, wat NOG moslimmer is dan Bogor, en er dus echt om de 50m een moskee is te vinden...Nou was die Mohammed zo slecht nog niet, en had het volgende bedacht: als je van huis bent, heb je het al moeilijk genoeg, en mag je best wat eten of drinken. Maar wanneer ben je nu echt op reis? Als je nog een dag te gaan hebt voordat je op zn snelst thuis kan zijn (waar het vrouwtje het eten klaar heeft ;-). De gemiddelde kameel met bepakking deed zo’n 60km op een dag, dus die afstand werd vastgelegd. Somewhere along the line heeft iemand beslist dat die afstand voor hedendsaagse kamelen best te overbruggen is, dus is er 90 km van gemaakt. Z. Maakt van deze gelegenheid dankbaar gebruik, al rookt, eet, en drinkt hij overdag “wel iets minder dan normaal...”. Hij vind het "helemaal niet erg" om in deze tijd in het veld te zitten...
Volgende ramadan geef ik trouwens de verstokte rokers die de hele dag op kantoor chagrijnig zitten te zijn een buskaart naar Bandung, mogen ze daar met hun laptop gaan zitten werken en roken. :-)
Banjarmasin in het zuiden was de plek van aankomst, en tevens de plaats waar het veterinair staatslab staat, en waar ik weer een hele dag mocht pipetteren (jeeej!). Het nadeel van stadsbezoeken is dat je zo weinig meekrijgt van het eiland waar je bent – zeker als je de hele dag in het lab zit *btw: als je op een slecht zittende stoel voor een flowkast zit zonder beenruimte in een niet-geairconditioneerd lab dan klinkt zelfs de 17e verdieping op de Erasmus aantrekkelijker dan naar Kalimantan gaan..*
Ik zit nu in de auto naar Amuntai, en dat geeft gelegeheid tot denken:
een van de dingen die meteen opvalt in Banjarmasin is de honderden meters lange rijen voor de benzinepompen. Nou blijkt dat de vrachtwagens van de koolindustrie alle voor hun gereserveerde diesel opgebruiken.
hier komt het rondjesdenken als je lang in een auto zit, en het komt een beetje hierop neer: die koolbedrijven doen vaak ook in olie. Olie was handiger/beter dan kool, dus gingen we oa diesel gebruiken. Dat doen we zo goed met zn allen, dat de diesel op raakt. Dan gaan we maar weer kool ophalen (er zijn op dit eiland nog genoeg stukken oerwoud die nog niet helemaal omgeploegd zijn) – maar daar hebben we weer diesel voor nodig, waardoor de diesel nog sneller opgaat. Hmm. Dan maar biodiesel gebruiken - en dat is “ook nog goed voor het milieu”, maarja, daar moet je dan weer een biodiesel plantage voor bouwen op de plek van dat oerwoud, wat je eigenlijk wilde uitgraven om kool te halen.... Nog best een lastige beslissingsboom voor die jongens in de diesel industrie.... het mooie is dan wel weer dat diesel hier "solar" heet, en je dus eigenlijk kool met 'solarpower' uit de mijn haalt...*
(trouwens:het feit deat ik hier, als treehugging hippie, over nadenk vanuit een auto die me honderden kilometers verderop brengt is niet een discussiepunt in de comments..)
Maargoed, waar was ik:
Die koolvrachtauto’s mogen niet naar een gewone pomp gaan, maar er zijn genoeg Indo’s die snel doorhebben als er ergens geld valt te verdienen door relatief weinig te doen. Dus gaat iedereen diesel tanken, dat zo snel mogelijk weer uit de tank pompen, om die in een van de honderden stalletjes langs de weg te verkopen, en de auto weer terug te sturen naar de pomp.... Er zijn dagen dat je meer dan 24 uur moet wachten voor de pomp, maar die mensen staan in de rij als hun werk – en dat kunnen ze goed.
Als je gewoon ergens naartoe wil gaan, en niet eerst uren wil wachten, dan staat er om de 10 meter wel een vriendelijke meneer met brandende sigaret in de mond en trechter in de hand die graag een aantal liter diesel voor je uit z’n vat schept...
[beetje oud bericht]
Soph en Kevin waren de eerste gasten – met de 3 maanden oude Kyra in het vliegtuig zodat de godfather en carola die kleine konden meemaken als baby. Ontzettend leuk dat ze al zo snel kwamen, maar wel heel raar. Begin je net een beetje je draai te vinden hier, komen er opeens allemaal mensen ‘uit het vorige leven” langs – die bekende gezichten hoorden niet in dit plaatje thuis leek wel. Maar dat gevoel was maar heel kort. Al snel was het heel normaal dat het hele gezin bij ons door het huis heen liep. Wat ikzelf heel leuk vond was dat wij een heleboel dingen waar zij zich over verbaasden in Indo niet meer als zo vreemd ervaren, en dus is het wel grappig om dat weer soort van te herbeleven. Verder was het natuurlijk leuk om bij te praten, en dingetjes uit nederland te krijgen – waarvoor dank.
Ik kon veel thuis werken, en heb mijn eerste oppas-taak goed volbracht. Stiekem ontroerde me dat meer dan ik dacht, toen ik met die kleine op m’n kantoortje zat. Van thuiswerken was toen ook niet veel gekomen...
Kyra dronk, boerde, poepte, en lachte alsof het de normaalste zaak van de wereld was dat ze in Indo zat (lijkt nu al op haar godfather). Kleine zweetdruppeltjes en muggenbultjes (grappig hoe die eruit zien bij zo’n klein kindje, zeker op de neus) waren de Indo extras, maar ook dat deed haar niet zo veel..
En Milan: ik denk nog steeds “Ikke Bommer e-eest met oo-oost” als ik op de vespa zit, en “Een-Tee-DLLLie!!!” gebruik ik te pas en te onpas..
Mango’s zoeken in de tuin is ook een stuk minder leuk zonder die kleine..
Zoals carola ook al schreef – het afscheid is wel lastig als je de auto de straat ziet uitrijden, maar de volgende gasten kwamen snel. En ook dat was wel heel fijn. Met z’n drietjes de slingers en andere versiering ophangen voor de verjaardag, leuke gesprekken – heel fijn om te zien hoe ze genoten van ons gewoon daar zien wonen...
carola heeft het uitgebreid besproken, dus ik hou dit kort (moet ook over 30 minuten weer de bush in)
Maar ik vond het ontzettend gezellig, en leuk om de ‘schoonouders’ wat beter te leren kennen..
Wat ik verder van het verblijf van Bob en Margot heb geleerd? – dat ik toch echt moet gaan golfen ;-)