dinsdag 17 maart 2009

Olifantjesvangen.blogspot.nl

  

Veel liever had ik natuurlijk gehad dat DAT de naam van ons blog was geweest… Maar vogeltjes zijn ook leuk.. Toch? :-S

Via Blijdorp en de Erasmus MC was ik betrokken bij onderzoek naar olifantenherpesvirus, en leek het me een leuk idée om ook hier daarmee aan de slag te gaan. Op een congres kwam ik wat olifantendierenartsen tegen, waaronder Chris van VESSWIC - een organisatie voor sumatraans wildlife diergeneeskunde.
S’avonds onder het genot van een paar biertjes in DE kroeg hier hebben we toen een plan gemaakt, en ben ik (in mijn vrije tijd…) achter contactpersonen in Nederland en Duitsland aangegaan om ook hier dat onderzoek op te zetten. Hij zou werken aan de vergunningen.
Twee weken geleden was er een grote meeting van Mahouts (olifantenverzorgers) in het olifantencentrum van het National Park aan de zuid punt van Sumatra waar ook WCS een kantoor heft. Mahout is pas sinds kort een beroep in indonesie – zeker vergeleken met landen als Thailand, India en Sri Lanka, en dus werd een training gegeven door wat buitenlandse olifanten experts, en waren ze bezig met het opzetten van een ‘mahoutorganisatie’. Een van mijn collegas hier die verantwoordelijk is voor de olifant-conflict situaties op Sumatra zat in de organisatie, en zodoende werd ik ook uitgenodigd.

ROADTRIP!!

Het is ongeveer 6-8 uur rijden, inclusief ongeveer 2 uur op de boot. Speciaal werd nog even snel een nieuwe autostereo en speakerset aangeschaft zodat ik ook naar mijn ipod kan luisteren … Ook kon ik meteen mijn nieuwe GPS unit even uittesten..

Eenmaal op de boot kon je van de krantenjongens ook stiekem porno kopen (het kan dus wel in dit land, maar ik heb me maar niet aan dit sort illegale praktijken gewaagd – en sowieso ben ik natuurlijk een nette jongen, maar gebruik ik het woord hier zo nu en dan voor de statistieken, maar daarover een andere keer meer..).
Het entertainment voor tijdens het wachten waren locale jongens die om de ferry
 heen zwommen waar je dan heel leuk muntjes naar kon gooien (of lekker net iets verder weg – nog leuker) zodat zij dan heel snel moeten zwemmen om die op te vissen…. Voor 1000 rupiahs (5-10 eurocent?) kon je ze ook via de buitenkant omhoog laten klimmen en dan vanaf het bovenste dek het water in laten springen… En iedereen vond het fantastisch...
Het blijft een raar volk…

Op de boot wel 4 mensen gehad die me aanspraken over het feit dat ik geen chauffeur had, en dat ze wel iemand op de boot wisten te regelen, waar ik vriendelijk voor heb bedankt. Ook op kantoor vonden ze het trouwens redelijk raar dat ik dit alleen wilde doen, want bulehs doen dat soort dingen niet – en al helemaal niet als je nog geen indonesisch rijbewijs hebt geregeld...
Maar het was gewoon een mooie rit.. En hoe verder van Jakarta hoe mooier, en op Sumatra was het dus NOG mooier – en helemaal top om met mijn muziekjes hard aan door de rijstvelden etc heen te rijden.. Onze licht metrosexuele “jeep” wist zich trouwens prima te handhaven over de hobbles en kuilen, aangezien ik de secundaire weg langs de oostkust had genomen, die veel mooier uitzicht/omgeving heeft..

Het was echt mooi om de olifanten aan het werk te zien, en heerlijk om weer even wat dichterbij die fantastische dieren te zijn..
 
ook goede gesprekken gehad op de meeting, en het ziet er naar uit dat het wel goed gaat komen met ons project. Nu nog even kijken of het ook echt gaat lukken, maar ik blijf in deze positief gesteld.
Na een dag ging ik weer huiswaarts, en toen ik, nadat ik er drie uur over had gedaan om de tolweg door het centrum van Jakarta door te komen, een herkenningspunt tegenkwam waardoor ik wist dat ik nu best dichtbij Bogor was, werd ik (natuurlijk) meteen verwelkomd door een onvervalste plensbui….. Home sweet home…
Onze mooie imperial, die op een of andere manier alleen maar vastgemaakt kan worden aan de deuropening, zorgt er in dat soort gevallen alleen helaas wel voor dat de regen ook volijk op je stoel druppelt (of straalt), en de stoel binnen de kortse keren doorweekt – wat dan wel weer iets minder is….

En dan nu de fotos – want olifanten babies zijn gewoon LIEF.
  

dinsdag 10 maart 2009

Bali, sweet Bali

Ok, het is nou niet dat ik een zware fulltime job heb, kinderen rond te sjouwen heb, laat staan het huishouden doen (goed, af en toe een wasje), maar ik ga ondanks alles toch naar BALI!! Om specifiek te zijn: morgen. Dit is weer een van mijn impulsieve acties, zoals ik die wel vaker heb en mensen soms doet verbazen. 

Joost is vanmorgen vertrokken naar Bangkok, mijn paspoort op de ambassade om verlengd te worden. Dat duurt wel een dag of tien. Nadat ik mijn nieuwe paspoort heb, kan ik pas een werkvergunning gaan regelen om te werken in de kerk. Ja, ik ben nog niet aan de slag daar, want de broeders daar willen, begijpelijkerwijs, alles legaal doen. En legaal staat hier gelijk aan: duurt lang... heel lang... Dus, zou wel gek zijn om weer achter de geraniums (lees: papayabomen en passiebloemen) te gaan zitten. Niet dat het hier slecht toeven is, maar denk dat men zich ook wel voor kan stellen dat na een jaar zonder noemenswaardig werk, (behalve de geweldige kans, die Joost me geeft, om part-time jungle girl te zijn) de muren wel een beetje op je af komen. (Is dit een monoloog om mezelf te overtuigen dat naar Bali gaan gewoon mag??) 

Het idee kwam gisteren in me op en ben gelijk het internet opgegaan en rond gaan bellen. Bali heeft veel te bieden, dus ik moest een keuze maken. Ik heb uiteindelijk besloten om de grote toeristische oorden te vermijden en ga in een bamboe hut aan het strand op Noord Bali zitten. In een, jawel hoe kan het ook anders, wellness resort. Naast dagelijkse massage's, strandwandelingen, dolfijnen kijken en op een brommer het eiland ontdekken, ga ik elke morgen mezelf vinden (!) tijdens meditatie en yoga... Een mens gaat rare dingen doen als ie eenmaal te lang werkeloos is.. 

Voor nu, ik ga mijn BIKINI (mag ik eindelijk aan!!) inpakken en als jullie opeens een wind voelen waaien, terwijl het buiten windstil is, ben ik het die aan jullie denkt.... (met een cocktail in mijn hand en beide benen bungelend in het zwembad)





woensdag 25 februari 2009

Jambi-Nippah-Cemara

Dit bericht was al geschreven voor dat Joost de ode aan Jungle Girl schreef.... Het ontroerde me.

In het vliegtuig terug naar Jakarta. We zijn net een week op Sumatra geweest en hebben daar meegdaan met het veldteam. We zijn vanuit Vietnam een kleine week thuis geweest en toen gelijk weer door. Joost had me al een beetje voorbereid op de omstandigheden daar, zoals hij ook in Vietnam had gedaan. Deze keer was het echt “veldwerk”. Geen toilet, geen telefoonbereik, het eerste dorp 6 km te voet verderop en “bloody hot” zoals Micha bleef herhalen. Het was al een hele uitdaging om er te komen en door miscommunicatie, hoge golven en meer overmacht, moesten we een dag extra in Nippah blijven. Vanuit Nippah zou het 2 tot 12 uur duren om met een boot bij het kamp te  komen. Geen straf, want een brommer was zo gehuurd en binnen no time zaten we in de jungle (ok, vroeger jungle, nu kokosnoot plantages) Het voordeel van rondrijden op een brommer is dat je niet de hele tijd acherna geroepen wordt door de mensen of
 aanspraak krijgt. Begrijp me niet verkeerd, ik ben echt niet anti-sociaal, maar rustig over straat lopen is er echt niet bij. Kinderen lopen je achterna, er worden aardige, maar ook minder aardige dingen geroepen, mensen vragen de hele tijd waar je vandaan komt en vooral waar je naartoe gaat.  “Mister, mister!, voert de boventoon. Als je op een brommer zit, doen ze het nog steeds, je hoort het alleen niet… Soms heerlijk!! 



Rijdend door de plantages kwamen we een man tegen die ons bij hem thuis uitnodigde. We hebben een mooie middag gehad, met hem, zijn vrouw, vier zonen en af en toe wat nieuwschierige buren. We werder vriendelijk ontvangen met de woorden: ”we love Obama” denkende dat we amerikanen waren. Na verse kokosmelk, hele zoete thee, gefrituurde casave, een dode varaan (die in hun kippenhok zat en de eieren aan het opeten was) en heel veel praten over gewoonten, politiek en tradities reden we weer terug naar het hotel. 












De volgende dag gelukkig wel een vlakke zee dus konden we richting veldkamp. In die week daar‘s nachts vogels vangen en monsters afnemen. Overdag een beetje bijslapen en eten bij elkaar vissen. Micha had zijn krabbenval meegenomen, maar alles behalve krab, wel heel veel palingen. Voor het eerst heb ik een paling gedood en in stukken gesneden. Weer een stapje verder naar het professionele jungle girl zijn. Palingsoep, gefrituurde paling, paling in kecap saus, alles kan ik nu maken. Hier geen bloedzuigers, maar zandvliegen. Ik ben er nog niet uit, welke ik prefereer, maar ik denk toch dat de bloedzuigers gaan winnen. Zandvliegen.. het nut van deze uitermate irritante beestjes heb ik nog niet gevonden, maar weet wel dat ze je kunnen belemmeren van een leuke wandeling over het strand.  Op het moment dat ze steken is het een beetje vervelend, maar na 12 uur vormen zich een soort muggenbult-achtige dingen die niet zomaar weggaan, maar dagen blijven jeuken, zodat je ze openkrabt, met als gevolg een onsteking. Om verdere uitwijding te voorkomen een conclusie: afschaffen die beestjes.


 








Nu dus op weg naar Bogor, waar een leuke nieuwe uitdaging op mij te wachten staat. Ik ben vorige week naar de kliniek van de kerk gegaan om te kijken of ik daar iets kan doen. Ze konden me wel gebruiken als zuster (denk ik) en kan dus deze week al beginnen. Ik heb geen idee wat me te wachten staat en wat mijn taken zullen zijn (voor hetzelfde geld, hebben de muren een nieuwe laag verf nodig), maar ik heb er erg veel zin in. Het komt aardig in de buurt van wat ik gedacht had te gaan doen. Kleine kliniek voor iedereen die niet veel geld heeft en van alle geloven, basis gezondheidszorg (ze hebben ook een “trauma kamer” met 1 cilinder zuurstof en een brancard) veel aanloop, weinig personeel. Kortom: een uitdagende omgeving om in te werken. Ik ben benieuwd of ik ook zonder alles voor handen kan bedenken wat er aan de hand is met een ziek persoon. Heb daaromtrent mijn eerste beproeving al gehad in het veld, toen 1 van de jongens een groene boon ingeademd had en in de dagen erna zieker dacht te worden. Bleek alles mee te vallen en alleen al het idee dat er een groene boon in zijn longen zat, deed hem paniekeren en symptomen krijgen van een longontsteking. Bang voor ziekten en de dood maakten hem dus ziek. Vanaf toen is zijn bijnaam dan ook: kacang hijau (ofwel groene boon) 

Kleine updat: heb gisteren met een van de broeders gesproken en ik ga morgen bij de kliniek langs om mijn papieren te geven. Het is me nog niet duidelijk wat ik kan gaan doen, maar ze waren blij dat ik mijn hulp aanbood. Ik ben ook te weten gekomen dat zusters hier niet meer mogen dan medicijnen aangeven en assisteren bij hechten en andere kleine procedures. Dus: mond houden en doen wat de dokter zegt. Een droom voor veel Nederlandse artsen! Voor mij een hele grote uitdaging en zal een paar pakjes kauwgom meenemen voor het geval dat ik assertif wordt :) Iedereen een handje gegeven en de "laboratorium" mevrouw sprak me in het Nederlands aan. Er hangt een hele goede sfeer en ik heb erg veel zin om te beginnen.. Eindelijk!!!!

woensdag 18 februari 2009

Junglegirl - the making of..

Dit is het verhaal van Junglegirl …


Toen Junglegirl nog niet Junglegirl was, kreeg ze in Bogor al snel te maken met de overgang van de steriliteit van het OLVG (en haar appartement in 020) naar een allesbehalve steriele omgeving – wat overigens redelijk vlot verliep..










Een tijdje later in Indo begon de verandering wat duidelijker te worden: ‘dingetjes’ onder haar voeten waren niet zo erg meer (al werd nog wel een stofzuiger gekocht, en kreeg Fifi stofzuigles), en ‘softe’ veldplekken met krakkemikkege hotels met hurk wc’s en badderen met rivierwater was geen probleem…


Bij de eerste jungletocht deed ze overduidelijk moeite om niet op te vallen met haar khaki broek




(en felroze topje..;-)


Eenmaal in Vietnam aangekomen, en iets meer geconfronteerd met “het veld”, werd de transformatie duidelijker: kamoeflaatsie kleding was aangeschaft, slapen in een hangmat in een door muggen geinfesteerd moeras, vogels vasthouden, en de eerste voorzichtige stapjes het moeras in werden ondernomen….






Ook 'jungle problemen' zoals wat te doen als de 12V centrifuge het niet doet werden snel overwonnen: “waarom gebruik je niet de plafond ventilator in het hoofkwartier van het National park?” – bril-jant.


Nu loopt ze zonder na te denken over het ongedierte het moeras in (en nee, mama, niet als er krokodillen zijn, dan doet Mikhail of ik het – al hadden we de netten na de eerste nacht wel verplaatst naar een iets veiliger stuk aangezien de vele krokodillenogen die ons aankeken je toch niet echt een veilig gevoel geven als je tot je middle in het water staat…), zitten haar benen onder de schrammen van de stekelige lotus stelen in het water, en kan ze zelfs best trots zijn over

haar Mercedesteken-vormige lidtekens van de bloedzuigers…


Ondertussen werden studenten begeleid, een oogje in het zeil gehouden of er wel schoon gewerkt werd, en waar nodig een vogel of slang vast gehouden...












We zitten nu op Sumatra, in Jambi, NOG verder van de bewoonde wereld.


En nu komt de ware junglegirl naar boven: s’nachts vogels vangen en monsters helpen afnemen, kamperen - inclusief het behoefte doen in een zelf gegraven gat onder toezien van de apen, wassen in de rivier, haar eigen vis (paling, meerval etc) vangen, dood te maken en schoon te maken op een vieze drijfhoutplank, en in onze simpele veldkeuken een fantastische maaltijd maken…


Het gebied om de tent/hangmatten word nog wel aangeveegd, maar dat heeft ook wel weer wat.. :-)


Ondertussen is ze ook al ‘aangevallen’ door een van onze apenburen, gebeten door vogels en een paling vlak voordat ze hem de kop afsneed, vangt ze hagedissen uit de tent, en zitten de armen en benen onder de bulten (foto volgt later) van de vele (leishmania-geinfecteerde) zandvliegen - al hoeft ze niet de “Jambi-scars” – de lidtekens die je hiervan kan overhouden – te krijgen wat mij betreft om te bewijzen dat ze jungle girl is…


In het verleden heft ze wel eens gesolliciteerd voor een organisatie die vond dat ze niet genoeg ervaring had in de wat armere/moeilijker begaanbare gebieden…

Met de vele ervaringen die we nu meemaken zeggen we vaak: NU mag je vast wel voor ze werken…

;-)


[x] geschikt

[ ] ongeschikt



*ben best een beetje trots….*

Studenten

[beetje oud bericht]

Zoals jullie ondertussen al wel weten hebben we in Vietnam steeds een aantal studenten bij ons in het veld.

Dit is allemaal te danken aan een beetje uit de hand gelopen ideetje, waar ik voorstelde aan mijn collega B van de universiteit in HCMC dat het een goed idée zou zijn om studenten bij ons project te betrekken in de toekomst..

Binnen een week werd er een ‘seminar’ georganiseerd, met een introductie door de decaan, en bijgewoond door mensen op hoge posities op de universiteit, 15 hoog geplaatste staats dierenartsen uit de provincies waar we werken, en meer dan 140 studenten (na 140 raakten we de tel kwijt) – ik mocht daar 2 uur vol praten over de dingen die ik doe, en wil doen in Vietnam, en Mikhail mocht iets vertellen over zijn werk in Zakhalin en andere koude delen van Rusland…

Het was goed georganiseerd, zelfs met 3 studentes als ontvangst dames in de traditionele jurken van het zuiden, waaronder de dames een broek dragen – wat echt zo ontzettend mooi en elegant is, zeker als ze op de fiets zitten, met een hand met de flappen van die jurk aan het stuur… maar voordat ik daar een heel stukje over schrijf (en dat lukt me makkelijk), even terug naar de studenten..


Euh.. oh ja:

Na de seminar werd gevraagd of er mensen geinteresseerd waren om mee te gaan: overal gingen de handjes de lucht in – en ik moet toegeven dat toen ik iedereen bedankte voor hun komst dat ik een flinke brok in mn keel had…

Na afloop gingen we eten met de uitgenodigde hoge piefen in een VIP kamer in een goed restaurant, waar we onder het genot van een paar Heineken biertjes (je moet een beetje luxe doen) de plannen gingen bespreken – of eigenlijk: eten en bier gingen drinken (de karaoke machine werd nog net niet aangezet…).



De afspraak was: n stuk of 4 studenten mee het veld in, en kijken hoe het gaat.

Op de eerste dag kwam het busje dat ik had gehuurd naar ons appartement, om mij, en de vele kisten en tassen met netten, monsterafname materialen, vloeibare stikstof containers, hangmatten, etc op te halen.

Maar tot mijn grote verbazing stonden daar 8 studenten, en een dierenarts/vertaler…… Dat ging dus niet passen in het 12 persoons busje – zeker niet aangezien Mikhail en z’n spullen er ook nog bij moesten…. Dus, nog maar een busje gehuurd…

Een uur later konden we weg – Vietnam kan zo efficient zijn..

De studenten zijn in het algemeen 2 jaars studenten, die nog nooit het veld in zijn geweest.. Deze acht stonden dus te wachten in hun strakgestreken donkerblauwe broeken en witte shirts zoals ze die ook op de uni aanhebben… Mij was ook gevraagd ze een beetje zacht te behandelen, en wel te zorgen dat er meerdere keren per dag eten werd gebracht, omdat ze niet ‘bang’ gemaakt moesten worden door hun eerste veld ervaringen, aangezien de bedoeling is dat iig sommige hiervoor opgeleid worden.. “Oeps” of zoiets dacht ik… Hoe gaat dit ooit goed komen…

S’Avonds met z’n allen gegeten op het hoofdkwartier van het National park, waar ze allemaal hun WCS petje kregen (zonder “from the American people”, aangezien dat project binnenkort ophoudt.. gelukkig, want ik voel me daar toch niet echt comfortabel bij…).

De volgende ochtend gingen we weg, na een snel ingeloste reddingsvest-koop actie op de locale markt, aangezien 7 van de 8 niet konden zwemmen… Vlak voor mijn vertrek was er een ‘incident’ in Indo waar een teamlid (niet mijn team) was verdonken omdat hij de rivier over moest en had verteld dat hij kon zwemmen, en dus geen vest nodig had… Foute inschatting.

Deze jongens gingen dus met vest de boot in – ongeacht dat het een heel rustig vaarwater was…


Het was ook mijn eerste keer met zo’n klupje studenten, en dus een echt plan was er niet, maar na een paar dagen hielpen ze heel goed mee, zowel in het moeras als op de markt. Het verbaasde me dat ik 1 keer had gezegd dat we s’ochtends ijs nodig hadden, en dat ze dat elke dag gewoon hadden gehaald voordat ik dat hoefde te vragen – Vietnam en indo zijn duidelijk verschillend..

Met “studenten” moet je niet denken aan de nederlandse student, en al helemaal niet aan het type corpsbal die me normaliter irriteren in de kroeg. Dit zijn nette, bescheiden jongens (ja, jongens… ondanks de traditie van de sterke vrouw in Vietnam, en de vele vrouwenhandjes die na het seminar de lucht ingingen, vond hun leraar B het niet een goed idée om vrouwen mee te nemen het veld in… “heb

je alleen maar last van”.. Aangezien Carola en Helen, onze britse ornitholoog ookin het veld zitten en blijkbaar ook alles kunnen meedoen, heb ik toch vriendelijk gevraagd om de volgende keer ook vrouwen mee te nemen… en dan hoeven ze niet eens van die elegante jurkjes aan te doen van me…;-)


Er was wel verschil tussen de teams, de laatste 2 teams (waaronder die van het ‘dure’ hotel) waren fantastisch, ze werken heel goed mee, zijn enthousiast, en willen ook leuke dingen doen, zoals zwemmen in de rivier – al was het wel met zwemvesten….. We hebben staan kijken vanaf de uitkijktoren, en het was zeer aandoenlijk, die 4 fel oranje vesten in het bruine water…. Het zijn inderdaad een beetje de ‘kinderen’ waar we op passen….